Waarom er de laatste tijd zoveel sciencefiction op televisie is

'De opmars van streaming en van ­wereldwijde spelers als Netflix en HBO heeft alles veranderd. Scifi is altijd een niche geweest: een genre met een relatief kleine groep verstokte fans. Dat gedijt niet goed op traditionele televisie, maar het is wél erg internationaal. Een scifi-nerd is een scifi-nerd, waar ook ter wereld (al heeft de Britse scifi altijd een eigen, herkenbare toon gehad). Een sitcom, daarentegen, steekt maar zelden de oceaan over, en een realityreeks al helemaal niet.
HBO en Netflix hebben bovendien de deur opengezet voor langere, meer ambitieuze verhaallijnen. Daar is scifi bij uitstek mee gebaat: je krijgt de ruimte om een futuristische samenleving in al haar facetten uit te werken. Tv-makers ontdekten bovendien hoeveel vrijheid zo’n setting je kan geven om uiterst geladen ­hedendaagse thema’s aan te pakken die anders alleen maar onbekijkbaar, zwaarwichtig drama zouden opleveren.
(…)
Hoe dan ook, er wordt meer scifi gemaakt dan ooit tevoren. En dus ook meer góéíe scifi. De kans werd bijgevolg ook groter dat sommige van die reeksen zouden overspringen naar een breder publiek. En daarom kijken er nu dus meer mensen dan ooit naar scifi.
Het is alleen nog wachten op de serie die voor scifi doet wat Game of thrones voor fantasy deed: het genre naar de absolute top van de kijkcijfers katapulteren. Lost in space is daarvoor misschien te braaf, Altered carbon te duister. Westworld, over een futuristisch pretpark waar de rijken hun wildste fantasieën komen botvieren, komt voorlopig het dichtst in de buurt.'

(Bron: Dominique Deckmyn, Waarom er de laatste tijd zoveel sciencefiction op televisie is, De Standaard, 14/04/2018)

Maak een Gratis Website met JouwWeb